Zelfstandigen in Vlaanderen werkten in 2025 gemiddeld 45,7 uur per week, terwijl werknemers gemiddeld 35,4 uur per week actief waren. Dit blijkt uit cijfers van Statistiek Vlaanderen.

Zelfstandigen blijken veel meer uren te kloppen dan mensen in loondienst in Vlaanderen: 45,7 vs. 35,4 uur. Het totale gemiddelde van de werkende bevolking tussen 20 en 64 jaar lag vorig jaar in Vlaanderen op 36,9 uur per week. Daarbij wordt alleen rekening gehouden met de hoofdactiviteit van de werkenden, niet met eventuele nevenactiviteiten.
Het aantal werkuren zakt al jaren en bereikte in 2024 haar laagste punt in 25 jaar met 36,8 uur per week. Vorig jaar was er dus een kleine stijging.
Opvallend in de statistieken is verder dat het aantal werkuren stijgt naarmate het opleidingsniveau toeneemt. In 2025 bedroeg het aantal gewerkte uren bij hooggeschoolde werkenden gemiddeld 37,7 uur per week, bij middengeschoolden was dat 37,1 uur en bij kortgeschoolden 35,4 uur.
Ook werken mannen nog steeds langer dan vrouwen. Het aantal werkuren van werkende mannen bedroeg in 2025 gemiddeld 39,9 uur per week. Bij werkende vrouwen lag het gemiddeld aantal werkuren op 33,6 uur per week. Het verschil tussen mannen en vrouwen bedroeg daarmee 6,3 uur.
Lager gemiddelde
In 2025 lag het aantal gewerkte uren per week in het Vlaamse Gewest (36,9 uur) iets hoger dan in het Waalse Gewest (35,8 uur), het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (36,6 uur) en België in zijn geheel (36,5 uur).
In de Europese Unie (EU27) bedroeg het gemiddeld aantal werkuren in 2025 37,3 uur per week. In het Vlaamse Gewest lag het aantal werkuren dus iets lager dan het EU-gemiddelde. In Griekenland (41,0 uur) lag het gemiddeld aantal werkuren het hoogst, gevolgd door Polen (40,1 uur) en Roemenië (40,0 uur). Nederland (33,0 uur), Denemarken (34,6 uur) en Duitsland (35,0 uur) kenden het laagste gemiddeld aantal werkuren per week.







