Limburgse bouwsector: ‘Het water staat velen aan de lippen’

Geplaatst door De redactie

De Limburgse bouwsector kampt met aanhoudende onzekerheid, hoge kosten en administratieve belemmeringen. Dat blijkt uit de zeventiende jaarlijkse Bouwenquête van Voka – KvK Limburg en Embuild Limburg, gebaseerd op een bevraging bij tweehonderd ondernemingen.

Tags:

Terwijl de markt afkoelt en vergunningen vertragen, loopt het aantal faillissementen op. Toch blijven veel bedrijven investeren in innovatie en duurzaamheid, in de hoop op beterschap.

Orderboek krimpt, faillissementen nemen toe

De resultaten van de Bouwenquête bevestigen het gevoel dat al maanden in de sector leeft. Eén op acht bedrijven heeft nog maar werk voor minder dan een maand, terwijl slechts 38 procent een orderportefeuille heeft die verder dan zes maanden reikt. Dat is een duidelijke daling tegenover vorig jaar (46 procent).

Toch verwacht 61 procent dat de orderboeken tegen het eerste kwartaal van 2026 weer op peil zullen zijn. Die hoop contrasteert met de huidige realiteit. ‘De bouwsector is een vroegcyclische sector en dus één van de eerste die de economische stilstand voelt,’ zegt Johann Leten, gedelegeerd bestuurder van Voka – KvK Limburg. ‘Dat zien we ook in de faillissementscijfers: van januari tot juni gingen in Vlaanderen 1.443 bedrijven in de bouw- en installatiesector over de kop, een absoluut record.’

Hoge kosten en lage marges

De sector worstelt met stijgende vaste kosten en lage winstmarges, terwijl projecten steeds vaker worden uitgesteld of geannuleerd. Vooral personeels- en materiaalkosten drukken zwaar op de rendabiliteit. De woningbouw zit al vier jaar in het slop, en ook de renovatiesector blijft achter. Alleen de infrastructuursector groeit nog licht, maar minder sterk dan in voorgaande jaren.

‘Veel bedrijven blijven ondanks alles investeren,’ zegt Chris Slaets, algemeen directeur van Embuild Limburg. ‘Innovatie, duurzaamheid en efficiëntie staan daarbij centraal. Maar zonder rechtszekerheid is het moeilijk om vooruitgang vol te houden.’

Administratieve last en personeelstekort

De grootste groeibelemmeringen zijn van administratieve aard. Bijna een kwart van de ondervraagde bedrijven wijst de regeldruk aan als voornaamste hinderpaal. Daarna volgen het tekort aan geschikte arbeidskrachten (20,5 procent) en de loonkosten (14,5 procent). Leten: ‘We vragen niet minder regels, maar betere regels: eenvoudig, duidelijk en haalbaar.’

De krapte op de arbeidsmarkt blijft voelbaar. 27 procent van de bedrijven verwacht dit najaar extra mensen aan te werven, elf procent voorziet een inkrimping. 61,5 procent doet een beroep op werknemers uit Oost-Europa, twintig procent op Zuid-Europeanen. De beslissing van de Vlaamse regering om laaggeschoolde arbeidsmigratie te beperken, zorgt voor verdeeldheid: 45 procent verwacht hinder, 55 procent niet.

‘Er zijn simpelweg te weinig mensen beschikbaar op onze arbeidsmarkt,’ zegt Slaets. ‘Arbeidsmigratie is geen luxe, maar een noodzaak. In plaats van de deur dicht te slaan, moeten we zorgen voor een goed kader met focus op kwaliteit en opleiding.’

Buitenlandse concurrentie en beperkte ondersteuning

Internationale concurrentie zet bijkomende druk op de marges. 31 procent van de bouwbedrijven lijdt omzetverlies door buitenlandse spelers, vooral uit Nederland. Lagere loonkosten en soepelere regelgeving zorgen daar voor een concurrentievoordeel.

Ondanks de bereidheid om te investeren, maakt slechts 34 procent van de ondernemingen gebruik van subsidies voor innovatie en digitalisering. Belangrijkste redenen zijn het niet in aanmerking komen (31%) en een gebrek aan kennis over de maatregelen (36%).

Duurzaamheid, innovatie en defensie bieden perspectief

Tegenover de moeilijkheden staat een toename van investeringen in duurzaamheid en innovatie. 77 procent van de bedrijven investeert in duurzaam ondernemen, 53 procent in digitalisering. 46 procent plant bijkomende investeringen in 2026. Daarmee lijkt de sector het stilgevallen investeringsklimaat van 2024 stilaan achter zich te laten.

Ook de verhoging van het Belgische defensiebudget biedt kansen. De bouw van kazernes, logistieke centra en oefenterreinen opent perspectieven voor bouwbedrijven en hun toeleveranciers. ‘Daarnaast zal er behoefte zijn aan modernisering en renovatie van bestaande faciliteiten. Dit zorgt niet alleen voor directe werkgelegenheid in de bouwsector, maar stimuleert ook toeleveringsketens in bijvoorbeeld staal, beton, energie en technologie’, zegt Slaets.

Vier beleidsaanbevelingen

Voka – KvK Limburg en Embuild Limburg formuleren vier aanbevelingen om de sector toekomstbestendiger te maken:

  1. Coherente regelgeving, met een gelijk speelveld voor steden en gemeenten.
  2. Snellere vergunningsprocedures, want Limburg is met gemiddeld 109 dagen de traagste provincie.
  3. Arbeidsmarktbeleid en onderwijs, met meer praktijkgericht opleiden en aantrekkelijkere STEM-richtingen.
  4. Financiële ondersteuning voor energetische nieuwbouw en renovatie.

‘De uitdagingen in de bouwsector raken de hele samenleving,’ besluiten Slaets en Leten. ‘Er zijn tegen 2030 zo’n 375.000 extra woningen nodig. Tegelijk moet onze infrastructuur dringend worden opgewaardeerd. Als we de sector geen ruimte geven om te ondernemen, riskeren we straks dat niemand nog onze huizen, scholen of ziekenhuizen bouwt. Dat mogen we ons niet veroorloven.’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *